Clientgerichte therapie

Wat is cliëntgerichte psychotherapie?
Cliëntgerichte psychotherapie is gericht op duurzame persoonlijkheidsvorming, in een proces van groei en ontwikkeling. Door deze vorm van therapie worden niet alleen de klachten effectief bestreden, maar verhoogt ook de algemene levensstandaard van de cliënt, wat een gunstig effect heeft op geluk, zingeving en gezondheid. Het doel van cliëntgerichte psychotherapie is een blijvende verbetering tot stand te brengen. In vergelijking tot meer directieve vormen van psychotherapie komt bij cliëntgerichte psychotherapie symptoomverschuiving minder vaak voor en is de kans op terugval kleiner.

Cliëntgerichte psychotherapie is persoonsgericht en niet uitsluitend symptoom- of klachtgericht. De therapeut helpt zijn cliënt emoties, gedachten en gedrag in een doorleefde samenhang met de eigen situatie en geschiedenis van de cliënt een plaats te geven en te verwerken. De cliënt leert in de therapie zichzelf kennen, zijn eigen mogelijkheden te benutten en om te gaan met beperkingen, waardoor de klachten verdwijnen.

In de cliëntgerichte psychotherapie staan de houding van de psychotherapeut en de werkrelatie met de cliënt centraal waarbij de therapeut zijn cliënt accepteert, hem empathisch benadert en zowel authentiek als professioneel een werkrelatie opbouwt. Binnen deze emotioneel intensieve werkrelatie richten de therapeut en de cliënt zich samen op het aandachtig exploreren van symptomen, klachten en psychische problemen. Dit gebeurt tegen de achtergrond van de levensloop van de cliënt en met oog voor zijn huidige omstandigheden en toekomstperspectief. Zo kan de cliënt eigen gevoelens en gedachten leren waarderen en accepteren en wordt hij zich bewust van de keuzes die hij heeft gemaakt, maakt en kan gaan maken.

In het begin van de therapie worden de klachten besproken en behandeld, altijd in de bredere context van de gehele levenssfeer van de cliënt.

Waarom wordt deze therapiestroming cliëntgericht genoemd?
Aanvankelijk (in de jaren veertig/vijftig van de vorige eeuw) heette deze vorm van therapie in Nederland Rogeriaanse psychotherapie, naar de Amerikaanse grondlegger Carl Rogers. Rogers noemde zijn therapie client centered, 'cliëntgericht' in het Nederlands. Internationaal is de benaming nu person-centered experiential psychotherapy. 'Experiential' is toegevoegd om het belang dat gehecht wordt aan ervaren/voelen te benadrukken.

De waardering van de gevoelswereld als motiverende kracht bij mensen heeft de laatste decennia ondersteuning gekregen vanuit onderzoek naar cerebrale functies. Zoals Rogers al dacht, blijkt dat emoties meer bepalend zijn voor ons doen en laten dan cognities.

Rogers sprak van client centered om het verschil met andere therapeutische stromingen zoals psychoanalyse en gedragstherapie te benadrukken. Bij cliëntgerichte psychotherapie is het uitgangspunt dat mensen zelf kunnen - en in existentiële zin ook moeten - kiezen en weten wat zij doen, denken en laten. De cliënten worden geholpen de eigen gedachten, gevoelens en motieven te onderkennen, te ervaren, serieus te nemen en te onderzoeken. Het is dus niet de therapeut die de cliënt leert wat hij moet doen, maar de cliënt ontdekt zelf wat hij wil en kan. Vandaar de gerichtheid op de cliënt. De therapeut is niet een leermeester of dokter, maar een begeleider en katalysator van een ontwikkelingsproces, waarbij blokkades worden opgeheven en mogelijkheden en voorkeuren worden ontdekt. Cliënten in cliëntgerichte psychotherapie zeggen vaak dat zij 'zichzelf worden'.